Zaterdagavond wachtte ons een zeer verrassende en erg geslaagde Scandinavische maaltijd. Het plakkerige pruimentoetje met koffie en voor sommigen een piepklein beetje wodka was ook erg geslaagd. Na het eten stond er een IBO-workshop geprogrammeerd. Eva en ikzelf wilden de leerlingen alvast een kijkje in de keuken van de Internationale Biologie Olympiade geven. Ook waren er twee essentiele testen: Pinda's eten met stokjes en het uitspreken van de naam van de Nederlandse mascotte, 'Geertruide van Scheveningen'. Het ging alle leerlingen zeer goed af, dus ze mogen allemaal mee naar Taiwan. Een hele geruststelling. Na afloop van de workshop werden de Campbells en practicumhandleidingen tevoorschijn gesleept en werd er nog even gestudeerd. Maar om de inmiddels beruchte PV-curve (hyperbolisch verband tussen Prestatie en Vermoeidheid) het hoofd te bieden vertrokken er al snel plukjes olympisten richting de slaapzalen.
De zondag begon met het gebrek aan uitslapen. In ruil daarvoor scheen de zon overdadig. Om 8.30 uur zaten we op de fiets richting Grebbeberg. Bij aankomst was iedereen lekker wakker en kon er vol overgave kennisgemaakt worden met de flora van Nederland. Heggewinde, Jacobskruiskruid, Kaasjeskruid en de zeer zeldzame, maar op de Grebbeberg overdadig aanwezige Pijpbloem werden besproken. Terwijl de ene groep van Marc Sosef leerde dat Vlier stink (behalve dan die ene Vlierstruik waar wij voor stonden), proefde de groep van Jan Wieringa alle aanwezige kruisbloemigen.
Met deze berg kennis op zak fietsen we een stukje verder, nog altijd overgoten door de zon. In natuurgebied de Blauwe Kamer werden we tijdens de lunch getrakteerd op een vliegshow door een lepelaar en de veerpoetskunsten van een jonge fuut. Maar eigenlijk kwamen we voor de plantjes. In groepjes zetten de leerlingen hun eigen biodiversiteitsonderzoek op, met plotjes aan de waterkant (die dit jaar wat lager lag dan andere jaren en daardoor interessante nieuwe soorten opleverden) en in het grasland. Om de soorten te herkennen was daar als altijd Heukels' Flora. De kennismaking met het determineren van planten verliep niet overal even soepel. Zo concludeerde een groepje dat het kleine plantje dat ze midden in het open veld hadden aangetroffen wel een adelaarsvaren kon zijn. Dat deze varen zijn extreem schaduwminnende eigenschap daarvoor zou moeten opgeven was aan de leerlingen ontgaan. Gelukkig was er zeer uitgebreide botanische kennis van oud-olympisten Oskar en Elysa, die bij dit soort practica de spreekwoordelijke rots in de branding vormen.
Een paar tinten bruiner dan die ochtend keerden we terug naar De Deel. Het was de hoogste tijd voor wat ontspanning en dus werden de kloten tevoorschijn gehaald. Tijd voor het oer-Hollandse en oh-zo-gezellige klootschieten! Zoals Lotte en Kyra terecht opmerkten is het maar een dom spelletje: je gooit een bal, om er vervolgens achteraan te lopen. Daarmee is het de perfecte afwisseling in deze week vol intellectuele topprestaties. Lotte en Emma bleken over onontdekte klootschiettalenten te beschikken en op Jente en Coen had de sloot een bijzonder sterke aantrekkingskracht. Op wonderbaarlijke wijze vonden alle teams en alle kloten hun weg terug naar De Deel. Daar volgde nog een creatieve uitspatting om een teammotto te bedenken. Het teammotto van mijn team, uit de pen van Chris, heeft het geschopt tot titel van dit bericht. Doordat elk team op minimaal een manier van de regels van het spelletje was afgeweken kon er geen winnaar worden aanwezen. Dit heuglijke feit werd gevierd met taart voor iedereen en met dierenplaatjes (van hofleverancier Albert), waarin meteen een levendige ruilhandel ontstond.
Het avondeten bestond deze keer uit een culinair hoogstandje uit Japan. Van de zelfgemaakte sushi en het overheerlijke groene theeijs werd meerdere malen opgeschept. De afwas bleek ook een hoogstandje te zijn, waar zelfs het ontstoppingsmiddel aan te pas moest komen. Een theelepel in de afvoerbuis blijkt een bijzonder goede nestelplaats voor kleefrijst, wat onvermijdelijk leidt tot een waterdichte afsluiting en daarmee tot vertraging in het afwasproces. Terwijl Ange en de corveeploeg ploeterden werkten de andere leerlingen aan hun Simpsonindices, het eindresultaat van het biodiversiteitonderzoek. Daarna trokken de leerlingen zich samen met hun Campbells terug in alle hoekjes van De Deel. Het terras, de slaapzalen en de grote vergadertafel werden omgetoverd tot kenniscentra. Pas rond 12 uur en na het ten gehore brengen van een Pokemonopera kon de rust terugkeren.
De maandag begon met het inmiddels bekende ritueel. Ontbijt om half 8, fietsen om half 9. Doel deze ochtend: het Radixgebouw en een statistiekcollege van Hans Morelis. De ochtend werd afgesloten met een toets over statistiek, waarin de leerlingen het liefdesleven van Romeo en Julia onder de loep namen en de eerste van twee Campbelltoetsen. Daarna kon er worden geluncht en bijgekomen van de mentale inspanning. Hans de Jong nam het stokje over met een college over genetica. In de eerste pauze bleek weer dat Hans' kwaliteiten als geneticus en als docent moeilijk te onderschatten zijn. Emma had nog niet eerder zo'n leuk college gehad. Het leuke college wordt zo afgesloten met een ongetwijfeld iets minder plezierige toets, maar er moet nou eenmaal een objectieve manier zijn om te bepalen wie er mee gaan naar Taiwan. Daarna zit de dag er al weer voor een groot deel op. Voor vanavond volgt er nog een echt biologisch 'slooppracticum'. De verhalen daarover kunnen de trouwe lezers morgen tegemoet zien.
Het resultaat van het DNA-practicum wordt bestudeerd:
Flora-excursie:
Veldwerk:
De administratie van het klootschieten:
Prijsuitreiking van het klootschieten:





Geen opmerkingen:
Een reactie posten